Wij zongen de Canto General in Brussel met La Badinerie. (Karla en Jan)
- Jan Cool

- 26 feb
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 5 dagen geleden
Naar de dokter
We dachten dat we 'het oud-zot' hadden maar de dokter kon het bevestigen: het was een acute 'cantoïtis'! Dat is een persistente drang om overal 'cantossen' te gaan zingen tegen beter weten in en aangezien we beiden dezelfde symptomen vertoonden was het tevens een 'folie à deux'. Dat is een zeldzame psychische stoornis waarbij twee of meer nauw verbonden personen (meestal familie) een gedeelde waan of psychotisch idee ontwikkelen. Na het nemen van een CT-scan van ons hoofd wist de dokter te vertellen 'dat er niets te zien was'. Ik hoopte dat dit een grap was... Leeghoofdigheid is te veel in trek dezer dagen. We konden ambulant geholpen worden.
De symptomen

De symptomen bestaan er verder uit dat je een aantal weken de avondspits trotseert en je je agenda bruuskeert om in een ander taalgebied een soort Spaans te gaan zingen. (nou-es-tra tierra en li-gu-a-na bv!) Michel Hatzigeorgiou ('onze' bouzoukiman van bij deChorale en de vroegere bassist van Toots!), Kris Belligh (bariton / komt Bach zingen) en zeker 'onze' Betty Harlafti (Mezzo Grecque) brachten een aanzienlijke verlichting binnen deze licht disruptieve situatie.
Je hebt grosso modo drie varianten: de Cantoïtis Humanos (een inside variant zeg maar), de Cantoïtis Ostinata en de Cantoïtis Generalis: het meest voorkomend. De variatie zit hem in de noten en de noden.
Zalf of medicatie?

Laëndi Lipnik heeft de artistieke leiding en doet alles zelf. Hij is een soort 'Paul' maar dan anders. Waar wij bij deChorale toch kunnen beschikken over een Heilige Drievuldigheid (Paul, Kristien en Peter / wat hebben we die gemist!) doet Laëndi alles alleen. Dat is even geniaal als problematisch. Hij speelt tijdens de repetities zelf piano, doet de stemopwarming vanuit de Tai Chi benadering (buiten adem raak je daarvan), zingt de vier stemmen op reële toonhoogte, geeft zeer uitgebreide tekst- en taaladviezen en oreert onophoudelijk over de maatschappelijke en musicologische relevantie en draagwijdte van het 'composiet' (of hoe noem je dit soort monumentaal gecomponeer?). Tijdens de raccord doet hij gelijk nog de licht- en klankregie en moet hij babbelende koorleden en nog (in)studerende muzikanten onder de knoet zien te krijgen. Geen wonder dat de mens al eens van slag is en zijn geduld verliest. Er hing dan zo'n sfeertje... "Niet te veel op letten", zeiden ze daar in koor. Ik vroeg me af of 'zalven en slaan' een aparte cursus is in de dirigentenschool? Het gras groeit echter niet door er aan te trekken.
Vallen en opstaan
De zangkwaliteit van deChorale kan misschien nóg (een klein beetje?) beter maar enkele weken meezingen in Louvain-La-Neuve deed onze borst toch zwellen van trots (bij mij was het ook mijn buik vrees ik!). En neen, in Antwerpen nemen we geen foto's vanaf het podium, zwaaien niet naar onze vrienden in de zaal en applaudisseren we niet voor onszelf. Straf dat ik op die 2,5 jaar zo gebrainwasht ben: voeden van de stem (of is het voederen?), smalle mondstanden, eind-ss-en, dynamiek, tempi en justesse, screenings: het krijgt allemaal een andere dimensie na onze artistieke cantogene stage.
Het ziekteproces
Laëndi houdt van de 'work in progress' methode. Toegegeven: het resulteerde wel in een zeer geëmotioneerde uitvoering (dixit minister Frank Van de Broecke in de Morgen, hij had er bij geweend ...) maar dat allemaal ten koste van de academische juistheid. We trotseerden slechte fotokopies (waar een vierde noot niet van een halve te onderscheiden viel / lang leve Frank VM), met Typp-Ex verwijderde stukken, plots overspringen naar een andere stem enz. Allemaal niet echt helpend als je dit soort chaos wil vermijden.
Van symptomen naar syndromen
Zaal 'NOVUM' is een mooi Art déco gebouw uit 1932 maar minder geschikt om er akoestisch op te treden. Alles werd bijgestuurd met microfoons en dat geeft zo zijn perikelen bij de uitvoering. De kleedkamer was bij het laatste concert niet beschikbaar en we werden naar de catacomben van het oude gebouw geleid. Claustrofobische ervaring. We konden er over SACkeren maar onze speleologische vaardigheden gingen er wel op vooruit.
In het verleden was er ginder beslist dat ze geen 'tenorettes' wilden maar aangezien Karla er plots tussen stond, ebde de weerstand snel weg en kwam het machogehalte van de tenoren onder de waarnemingsdrempel te liggen. Al werd er wel voorzichtig gepolst of zij... een lange rok of een broek ging dragen. Want dan zou het publiek niet meer weten waar de mannen en waar de vrouwen stonden. Een klassieke: “...et alors?” had kunnen volstaan, dachten we dan maar. 't Werd een broek.
Naar het sanatorium? Of thuis uitzieken?
Zingen in een Waals koor, een uitmatch dus. Het heeft iets van 'vreemdgaan'. Niet dat ik daar heel veel ervaring in heb. Dat laatste zou toch eerder 'vreemd' zijn. Je mist thuis, mama Terry, vader Paul en de familie. En met twee samen vreemd gaan (het was tenslotte een folie à deux) begint eerder op partnerruil te lijken. We zijn ginder goed ontvangen maar besloten van pure heimwee toch om snel in te schrijven (via de bondige efficiëntie van de Terry-mails) voor het Kerstgala: 'The green green grass of … linkeroever'!
De therapie
De behandeling van Cantoïtis bestaat doorgaans uit 6 maal Lentevreugd luidop zingen telkens gevolgd door drie Weesgegroeten. Als de symptomen toch aanblijven is een 'Cantoïtus interruptus' aanbevolen: tijdens het zingen de kerk uit bij wijze van spreken. Let wel: indien deze techniek foutief wordt uitgevoerd kan dit vlekken veroorzaken op onvoorziene plekken en 'moins est en vous!' (Volgens de aloude Brugse Gruuthuse wapenspreuk...)
Als behandeling voor de folie à deux wordt een scheiding aangeraden (kijk maar naar de psychiatrische handboeken) maar dan kennen ze ons nog niet! Wij staan tenslotte ook al jaren samen in de regen en dromen van de zon... We blijven daar.
Herstel en genezing
De symptomen verdwenen spontaan in de loop van de maand december en hopelijk hebben we nu geen chronische Choralitis opgelopen.
Et alors, hoor ik jullie denken...
Jan Cool
