Voorvechter van Nieuwe Muziek
- Walter van Rijsbergen

- 19 feb
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 3 mrt
DERDE venster : De Vocht en zijn CHORALE als voorvechter en wegbereider van Nieuwe (Internationale) Muziek
De ‘veilig’ barokke Mattheuspassietraditie en de meer klassieke uitvoeringen vanaf 1921 met het orkest van de Nieuwe Concerten van onder meer andere Haydns, Beethovens en Bachs, verbloemt enigszins het revolutionaire en open minded karakter van deze concertreeksen en de jonge(re) De Vocht. In een periode die liep van 1924 (parallel met de eerste Mattheuspassie) tot 1934 (einde van de Maatschappij der Nieuwe Concerten) heeft men met deze constellatie heel wat nieuw werk gebracht en zelfs gecreëerd.
Namen die nu vertrouwd klinken (misschien al oubollig) zoals Ryelandt, Honegger, Milhaud waren toen ‘hot’ en de ‘Kultuur’ (wat zou Paul Van Ostaeyen al niet typografisch kunnen uitrichten met dit ene woord) zocht in het interbellum volop nieuwe en onbetreden wegen. Alhoewel de term ‘cross-over’ toen waarschijnlijk nog niet was bedacht, was dit destijds naar ik aanvoel, de adrenaline in de kunst.
De Vocht surfte volop mee op deze grote golf aan vernieuwing (denk aan gelijknamige Hokusai) en had ook heel persoonlijke banden met en feedback van de toen hedendaagse componisten.
Een tabel in een online blog is niet ideaal, maar ik bied de lezer toch dit overzicht aan ter illustratie in welk ‘modernistisch’ bad de Choralezangers toen gedompeld werden :
Uitgevoerde werken van ‘tijdgenoten’ in de concertprogramma’s van De Vocht met zijn Chorale Caecilia 1924-1940
datum | Locatie | Werk | Gecomponeerd in/door | Bijzonderheden |
In het het kader van en met het orkest van de Maatschappij der Nieuwe concerten te Antwerpen | ||||
24.11.1924 & 26.10.1925 | Antwerpen Theâtre Royal | Le roi David | Arthur Honegger (1921) | Eerste uitvoering in België |
06.12.1926 | Antwerpen Theâtre Royal | XIIe Harpzang van Koning David (Vondel) Le Miroir de Jézus | Joseph Ryelandt (1925)
André Caplet (1923) | Opgedragen aan Lodewijk de Vocht en zijn Caeciliakoor – Eerste uitvoering (creatie) |
27&28.11.1927 | Antwerpen | Fragmenten uit ‘Oresteia’ : II Les Choéphores III Les Eumenides (finale) | Darius Milhaud (1913-1922) | II : eerste uitvoering in België III : eerste uitvoering (creatie) |
10&11.12.1927 | Brussel Muntschouwburg | idem | idem |
|
4&5.11.1928 | Antwerpen TR | Judith Psalmus Hungaricus | Arthur Honegger (1925) Zoltan Kodaly (1923) | Eerste uitvoering in België |
2&3.06.1928 | Parijs (Grande Salle Pleyel) | L’Orestie d’Eschyle II & III | Darius Milhaud | Ook op programma requiem Mozart Ook concert met Matheuspassie |
15-21.12.1928 | Antwerpen | idem | idem | Plaatopnames Columbia 1e take : ondermaats resultaat |
12.1928-01.1929 | Antwerpen | idem | idem | Plaatopnames alles opnieuw :
|
04-09.1929 | Antwerpen Zaal Sarteel | Judith | Arthur Honegger (1925) | Plaatopnames – gebrekkige kwaliteit door akoestiek zaal |
16&17.02.1930 | Antwerpen Theâtre Royal | Evocations opus 15 Psaume LXXX | Albert Roussel (1910-1912) Idem (1928) | Eerste uitvoering in België (eerder gecreëerd door Opera Parijs op 25.04.1929) |
13&14.02.1932 | idem | Le Cris du Monde | Arthur Honegger (1931) | Eerste uitvoering in België |
13&14.03.1932 | idem | Psalmensyfonie (e.a.) | Igor Strawinsky (1930) | Festival Strawinsky m.m.v. Igor Strawinsky |
19&20.03.1933 | idem | ‘Korensymfonie’ (e.a.) | Lodewijk De Vocht (1932) | Eerste uitvoering (creatie) |
18.12.1933 | idem | Fragmenten uit ‘Oresteia’ : II Les Choéphores III Les Eumenides (finale) | Darius Milhaud (1913-1922) |
|
Société Philharmonique de Bruxelles | ||||
19.02.1930 | PSK Brussel (BOZAR) | Evocations opus 15 Psaume LXXX | Albert Roussel (1910-1912) Idem (1928) | Orkest Nieuwe Concerten Eerste Uitvoering te Brussel |
10&11.12.1932 | idem | Psalmensymfonie | Igor Strawinsky (1930) | Symfonisch Orkest Brussel |
10&11.02.1934 | idem | II Les Choéphores III Les Eumenides (finale) ‘Korensyfonie’ | Darius Milhaud (1913-1922)
Lodewijk de Vocht (1932) | Idem
Eerste uitvoering in Brussel |
1-3.03.1940 | idem | Jeanne d’Arc au Bûcher | Arthur Honegger (1935) (premiëre 1938) | Nationaal orkest van België Eerste uitvoering in België |

Zoals uit het overzicht blijkt maakte de Chorale tweede helft van twintiger jaren ook verscheidene plaatopnames (ook van polyfonie en liederen van Lodewijk de Vocht). Spijtig genoeg was de ronkende naam van de platenmaatschappij (Columbia) niet evenredig met de ingezette middelen voor de opname. De huidige beluistering zou dan ook wel heel wat welwillendheid vergen. Ik heb een paar maanden geleden een historische platencollectie overgemaakt aan het Felixarchief (gift van oud-dirigent Frans Dubois). Deze 78-toeren opnames zullen mettertijd gedigitaliseerd worden en op een openbaar onlineforum te beluisteren zijn. Ondertussen kan ik u ter beoordeling alvast een YouTube link voorschotelen van een opname van het werk van Milhaud : te gebruiken na de maaltijd (en niet te kort voor het slapengaan)
De tsunami in de programmatie aan (voornamelijk uit Frankrijk afkomstige) nieuwe muziek nam een einde toen de maatschappij der Nieuwe Concerten ermee stopte en Lodewijk De Vocht vervolgens aangesteld werd tot bestuurder van de Concertvereniging van het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium te Antwerpen. Het eerste optreden waar de Chorale daar aan meewerkte was de uitvoering van de Negende Symfonie op 6 en 7 april 1935.
De Choralezangers vertoefden vanaf nu hoofdzakelijk in het gezelschap van eerbiedwaardige componisten uit het grote koorrepertoire. Alleen Honegger moest nog wat nablijven, maar daarover een volgende keer meer.

Naar best vermogen en op basis van heel wat bronnen voor u samengesteld, zonder het oogmerk de volledige Choralegeschiedenis weer te (kunnen) geven. Voor zulke ervaring kan je voor de periode tot 1968 beter op de tweedehandsmarkt op zoek gaan naar het boek ‘LODEWIJK DE VOCHT – Kroniek van een leven voor de schoonheid’ door Vincent Peeters en uitgegeven door ‘Den Gulden Engel’. Met een beetje geluk vind je het nog voor een luttele € 15.
Walter van Rijsbergen
02.2026

